Oudere. Wat is oud? Je kunt wel zeggen dat iemand oud is wanneer hij een bepaalde leeftijd heeft bereikt, maar is dat dan bij iemand van 55, 60 of 80 jaar. Oud is een betrekkelijk begrip. Of we een persoon oud noemen, heeft te maken met verschillende zaken, o.a.

- De leeftijd van de persoon.

- De mogelijkheden en het gedrag van de persoon.

- Onze eigen leeftijd en belevingswereld.

- Tijd waarin we leven.

Een negatief beeld dat anderen hebben van de ouderdom en van oude mensen: de oudere is eenzaam, afhankelijk en hulpbehoevend en woont dus in een verzorgings- of verpleeghuizen.

Uit onderzoek blijkt het volgende:

- Vrijwel niemand voelt zich oud.

- Ouderen voelen zich over het algemeen niet eenzamer dan andere volwassenen van 20 jaar en ouder. De Puber voelt zich eenzamer dan oudere.

- Slechts 10 % van de oudere woont in een verzorgings- of verpleeghuis. Het merendeel van de ouderen is in geen enkel hulpbehoevend, integendeel, veel ouderen bieden bijvoorbeeld hun hulp aan als oppas voor de kleinkinderen of zijn actief als vrijwillig(st)er of bestuurslid. Er zijn 2 fases bij ouderen: Jongbejaarden ( 65 – 75) jongere ouderen. Hoogbejaarden (75 en ouder) oudere ouderen. Qua gedrag en mogelijkheden is een 65+ niet te vergelijken met een 85+. De jongere ouderen zijn de ouderen die gepensioneerd, gezond en actief zijn, ze hebben zeer veel mogelijkheden om van het leven te genieten, met name omdat ze niet meer hoeven te werken en voldoende geld te besteden hebben.

De oudere ouderen zijn de ouderen die afhankelijk en hulpbehoevend zijn. Zij zijn minder gezond en weinig actief. Ook gaat de lichamelijke ontwikkeling achter uit. De meeste oudere dragen een bril, ze krijgen staar of glaucoom. Ze gaan ook steeds slechter horen, want de hoge tonen vallen weg. De smaak valt ook weg dit kan je tegen gaan door de smaakpapillen te blijven stimuleren. Ook de motoriek gaat achteruit, de ouderen worden stijver en langzamer en de bewegingen kosten steeds meer moeite. Bij de oudere verandert ook, de haren worden grijs en dun, de huid wordt slapper, rimpelige, gaat op een bepaalde plaatsen hangen, word vlekkeriger, bleek en dun ( perkamentachtig). Ook bij de cognitieve ontwikkeling veranderen dingen. Je kunt de ouderen niks leren als ze het zelf niet willen. Zodra de oudere zelf iets willen leren en als ze er de nut van in zien dan lukt het nu om het goed aan te leren.

Geheugen.

- Het kost meer tijd om informatie op te slaan.

- Het kost ouderen meer tijd om informatie terug te vinden.

- Het kost ouderen meer moeite om 2 dingen tegelijk te doen.

De ouderen van 65 jaar gaan verplicht met pensioen. Je relatie met kinderen en klein kinderen word dan beter je krijgt meer tijd voor je kinderen, je kunt oppassen op je kleinkinderen, je hebt vel tijd om met je kleinkinderen leuke dingen doen zoals dierentuin en pretparken. De veranderingen en verouderingsprocessen beïnvloeden de identiteit van de ouderen. Persoonlijkheid blijft wel stabiel net zo als de karaktereigenschappen. Ook neemt de kans toe dat je afscheid moet nemen van je partner, familie, vrienden en kennissen door de dood, dementie of opname. Hierdoor nemen de sociale contacten af. Eenzaamheid en vereenzaming kunnen het gevolg zijn. Op seksueel gebied blijft het, het zelfde ze hebben nog steeds de zelfde verlangens, soms komt het voor dat de vrouw geen seks meer wil en dit is als ze in de menopauze komt. Daardoor neemt de zin aan seks af. Leidt gemakkelijk tot gevoelend van depressiviteit. Kan leiden tot doelloosheid, komt soms niet meer uit bed, doet niets meer aan zich zelf en zijn uiterlijke verzorging, het huishouden versloft, propt zich vol met eten of eet juist onvoldoende. Hierdoor ontstaat een negatieve spiraal waarbij de negatieve gevolgen van kwaad tot erger gaan.

 

Dementerende ouderen.

Dementie is de meest gevreesde aandoening van de oude dag. Er is, voor alle duidelijkheid, een groot verschil tussen de normale vergeetachtigheid en dementie. Dementie is een ziekte en vertoont de volgende kenmerken: - Er is sprake van een ongeneeslijke ziekte van hersenen. - De ziekte leidt tot een grotere verstandelijke achteruitgang. - Uiteindelijk zal het totale functioneren (lichamelijk, cognitief, sociaal en praktisch) verstoord raken.

- De ziekte komt voornamelijk voor bij oudere mensen.

 

De verschijnselen van dementie zijn:

- Geheugenstoornis.

- Desoriëntatie in tijd, plaats en persoon.

- Vermindering van verstandelijke vermogens.

- Decorumverlies ( verlies van het zicht op fatsoen en waardigheid).

- Emotionele stoornis.

- Stoornis in de communicatie.

- Hallucinaties en wanen.

 

De oorzaken van dementie zijn afhankelijk van het type dementie waarvan sprake is. In de meeste gevallen is er sprake van de ziekte van Alzheimer, ook wel Alzheimerdementie genoemd.

Ook de zogeheten multi–infarct–dementie komt vaak voor. Voor de verschillende typen dementie worden de volgende percentages genoemd:

- 50 % dementie van het type Alzheimer.

- 20 % multi-infarct-dementie.

- 10 % mix van multi-infarct-dementie en Alzheimer.

- 20 % veroorzaakt door tientallen andere oorzaken.

 

Multi-infarct-dementie: Bij deze ziekte is er sprake van een opeenstapeling van kleinere en grotere herseninfarcten. Deze herseninfarcten hebben tot gevolg dat een deel van het hersenweefsel afsterft. Dementie kan op den duur het gevolg zijn. Multi-infarct-dementie zal zich plotseling openbaren en verergert zich stapsgewijs: als gevolg van elk nieuw herseninfarct doet zich een verergering voor. Het verloop van de Multi-infarct-dementie is daarmee ook erg onvoorspelbaar. Naast de dementie kan er ook sprake zijn van spastische verlamde ledematen, slikstoornissen, spraakstoornissen en stoornissen bij het zien en horen. De Multi-infarct-dementie begint over het algemeen op een jongere leeftijd dan de Alzheimerdementie en komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. Dementeren is een proces waarbij iemand verstandelijke vermogens steeds verder achteruit gaan en het totale functioneren steeds meer verstoord raakt. Op een gegeven moment zal de dementerende niet langer in staat zijn, zijn leven te organiseren zonder hulp van anderen. In een nog later stadium is opname in een verpleeghuis vaak onvermijdelijk.

Eenmaal in het verpleeghuis opgenomen schrijdt het proces van dementie verder. De demente oudere takelt nog verder af. Het verloop:

- Lichte dementie: de beginfase. vergeetachtigheid: tijd, plaats en persoon voorbeeld mevrouw gaat naar de winkel, bij de winkel aan gekomen weet ze niet meer wat ze daar ging doen. Het zijn nog kleine momenten die zich afwisselen met dat ze zich nog wel ‘normaal’ functioneren. Het kost meer moeite iets te onthouden, iets nieuws aan te leren en het zelfstandig uitvoeren van kleine handelingen. Bijv na het koken vergeten het gas uit te doen. Eten laten aan branden, zinloos gas aan zetten, 3 keer het zelfde vertelen.

- Matige dementie: de tussenfase. de periode van desoriëntatie/vergeetachtigheid worden steeds groter. Stoornis in taal, handelen en begrijpen. De demente oudere gaat fouten maken en weet deze niet te corrigeren. Bijv. met twee benen in 1 broekspijp. Vaak sprake van incontinentie.

- Ernstige dementie: de eindfase. Beschikt over beperkte woordenschat soms maar 1 of enkele woorden. Elke vaardigheid raakt verloren zoals lopen, staan, zitten. Het gedrag wordt passief en apathisch. Soms wel activiteit en is hij rusteloos. De zorgvrager is verplegingsbehoeftig. Het probleem bij het omgaan met dementerenden is dat je geconfronteerd wordt met iemand die leeft in een andere wereld.

Maak jouw eigen website met JouwWeb